Home / Geen onderdeel van een categorie / Date Column – Deel 9

Date Column - Deel 9

Aimee is 34 jaar, woont in Amsterdam en werkt als project manager bij een internationaal mediabedrijf. In December 2017 ging haar relatie van 4 jaar uit en sinds 3 maanden begeeft ze zich weer op het pad der liefde. Ditmaal met behulp van matchmaking bureau DTNG. Aimee heeft haar zinnen gezet op een grote liefde. Ze zoekt een man met serieuze intenties om oud mee te worden. In een klein boerderijtje vlak buiten Amsterdam en het liefst met een stuk of wat kinderen of dieren. Voor DTNG. houdt ze de komende 3 maanden elke week een dagboek bij over haar belevenissen in de wondere wereld van het daten via een matchmaker.

#zondagbonbondag

“My momma always said, life was like a box of chocolates. You never know what you’re gonna get.” En zo ist, denk ik als ik op de tast in de doos met zeebanket naast me rommel om er vervolgens achter te komen dat die alweer leeg is. Niks dus in mijn geval. Ik lig in het donker. Op de bank. In mijn eigen woonkamer. Onder een dekentje naar Forrest Gump te kijken. De dichtstbijzijnde lichtknop is maar een halve meter van me vandaan, toch heb ik de moed niet om hem aan te klikken. Ik voel me leeg, alleen, kwetsbaar, niet goed genoeg en van binnen net zo donker als het in mijn huis is. Hoe kom ik nou weer in zo’n bui? De laatste keer dat ik er zo aan toe was, was nadat ik dronken op de stoep bij mijn ex had gestaan om daar nog één keer de nacht door te brengen. Niet alleen heel cliché en fout, maar het kostte me ook maanden langer om hem te vergeten. Maanden die ik niet meer terugkrijg, waardoor ik mezelf plechtig had beloofd om het nooit meer zo ver te laten komen. Op dit moment lijk ik echter weer terug bij af. Door één man. Eén iemand op deze wereld. Terwijl er miljarden anderen, vrijwel zeker veel leukere, rondlopen. Mijn plan van afgelopen vrijdag om onverwachts bij Pim op bezoek te gaan mét mijn (ondanks zijn apps) niet rijmende date ‘Jassesper’ in mijn kielzog, bleek achteraf natuurlijk niet bepaald een slimme zet. Pim herkende me aanvankelijk niet eens nadat ik uit het niets opdoemde aan de rand van zijn tafel om hem terloops even gedag te zeggen, verbaasd acterend over zoveel toeval uiteraard. Toen ik vervolgens licht genegeerd afdroop om me in zijn gezichtsveld aan de bar te installeren, waar ik in een laatste wanhopige poging om indruk te maken zogenaamd heel hard lachte om Jasper, die me net mededeelde dat het speciaal bier op was, zag ik hem vanuit mijn ooghoeken opstaan om de tent te verlaten. Met zijn arm om de schouders van die trut van een Judith geslagen. Ik sla mijn handen voor mijn gezicht en voel een soort krampen in mijn maag. Dit is toch niet wie ik ben? Het is in ieder geval al helemaal niet wat ik wil. Waarom gebeurt het dan toch? Ik besluit ter plekke dat het genoeg is geweest. Het ligt niet aan de mannen. Ik doe het zelf. Ik ben degene die zo lang blijft hangen in moeizame constructies. En me daardoor nooit genoeg voel. Sinds wanneer ben ik zo onaardig voor mezelf en neem ik dáár genoegen mee. Voor dat kleine beetje aandacht of (schijn)veiligheid? Vanaf nu ga ik die aandacht alleen nog maar aan mezelf geven. En dan niet die ene vinger, nee, de hele hand. Wat? Twee! Ik word gewoon de leukste vrijgezel die er is.

‘Hey Aimee, hoe is het ermee? ?’ Jasper. De poëet. Op mijn telefoon. Met veel drama trek ik de deken over mijn hoofd.

#donderdagikkannietmeerzonderdag

‘Aimee, luister: ik heb een leuke vent voor je gesproken. Intelligent, ondernemend, grappig en volwassen als het op daten aankomt. Hij zou vanavond eventueel al kunnen voor een drankje. Bel je me terug?’ Marie-Jose op mijn voicemail. Hoe heb ik ooit zónder gekund. Een kwartiertje later kijk ik met een mengeling van opwinding en nieuwsgierigheid naar de foto’s in mijn inbox van een erg charismatisch exemplaar genaamd Olle. Ik zie dat hij 38 is, een goede kop heeft met mooie donkere krullen plus werkelijk prachtige ogen. Verder lees ik dat hij niet zo lang is, zijn eigen bedrijf heeft en reclame commercials inspreekt. Grijnzend kijk ik naar mijn scherm. Hij wil met mij op date? Vanavond al? Wat moet ik in godsnaam aan?! Ik besluit dat het mijn nieuwe geruite plooirokje en leren jasje worden. Zo lijkt die online shopaanval van afgelopen maandag toch nog ergens goed voor. En dat wordt nog maar eens extra bevestigd als ik enkele uren later tegenover mijn kersverse afspraakje zit. Olle draagt een ruitenbloes in precies hetzelfde patroon als dat van mijn rokje. Gelukkig kon hij daar smakelijk om lachen, waardoor het ijs meteen gebroken was. Nu zijn we om de een of andere reden in een gesprek over de Efteling beland en waarom hij naar nog nooit is geweest. ‘Waarschijnlijk omdat je niet lang genoeg bent om in de python te mogen,’ merk ik fijntjes op. Hij valt stil en kijkt me net iets te lang aan. Even schrik ik, ben ik nu te ver gegaan? Dan buldert zijn gulle lach over tafel als het geluid van een grote motor die niet wil starten. Olle, hij is klein, maar fijn! Ik lig de hele avond al in een deuk om hem. En het rare is, hij ook om mij. Blijkbaar ben ik echt heel grappig.