Home / Geen onderdeel van een categorie / Date Column – Deel 4

Aimee is 34 jaar, woont in Amsterdam en werkt als project manager bij een internationaal mediabedrijf. In December 2017 ging haar relatie van 4 jaar uit en sinds 3 maanden begeeft ze zich weer op het pad der liefde. Ditmaal met behulp van matchmaking bureau DTNG. Aimee heeft haar zinnen gezet op een grote liefde. Ze zoekt een man met serieuze intenties om oud mee te worden. In een klein boerderijtje vlak buiten Amsterdam en het liefst met een stuk of wat kinderen of dieren. Voor DTNG. houdt ze de komende 3 maanden elke week een dagboek bij over haar belevenissen in de wondere wereld van het daten via een matchmaker.

#woensdagwegaanwatdoensdag

Ik loop rondjes door mijn appartement en tel hardop stappen om de tijd te doden. Ik heb een date staan met Pim. Over 20 minuten. In een cafeetje vlakbij mij om de hoek en hoewel ik een uur geleden al in de startblokken stond, wil ik niet te vroeg zijn. Of op de minuut af op tijd. Als ik vervolgens 3 minuten na de afgesproken tijd de kroeg binnenstap, zie ik hem gelukkig al zitten. Donkerblauwe broek, lichtgrijs t shirt, verdiept in zijn telefoon. Er fladdert een hele kleine vlinder door mijn maagstreek en ik merk dat ik hem, elke keer dat ik hem zie, aantrekkelijker begin te vinden. We bestellen twee wijntjes en kletsen wat over onze dag. Onze vorige date is ruim een week geleden en het lijkt alsof we allebei ietwat nerveus zijn. Alsof het de eerste date is en we weer helemaal van voren af aan moeten beginnen. Dan besluit ik dat als ik wil dat hij zich wat meer openstelt, ik zelf het goede voorbeeld moet geven en begin over mijn familie. Al gauw zijn we diep verwikkeld in een gesprek over ouders en opvoeding. Ik vertel hem hoe de scheiding van mijn ouders me heeft gevormd en een jarenlange onrustige periode van paniekaanvallen tot gevolg heeft gehad. Voor mijn doen ben ik verrassend open en na het derde wijntje vraag ik me af of ik niet téveel blootgeef. Hoewel hij onafgebroken luistert, heb ik tijdens onze wandeling naar de fietsen het idee dat ik de hele avond aan het woord ben geweest. Ik wil hem laten weten dat ik ook nieuwsgierig ben naar zíjn leven, maar als we bij onze fietsen aanbelanden, zoent hij me opeens. Heel gretig. Mijn lijf reageert meteen en ik vergeet prompt wat ik wilde zeggen. ‘Ga je mee naar huis?’ hoor ik mezelf dan zachtjes fluisteren en niet veel later fietsen we in hoog tempo naar mijn huis.

#donderdagverwonderdag

Ik zit op de wc. Mijn eigen wc welteverstaan en ik staar naar mijn vlekkerige gezicht in de badkamerspiegel tegenover me. Pim ligt in mijn bed te slapen. Ongeveer een uur geleden zijn we thuisgekomen en meteen in mijn bed beland. Het was heel fijn en ik wilde het zelf ook, toch voel ik me nu enigszins verward. Was het niet te snel? Als ik weer onder de dekens kruip, komt Pim tegen me aanliggen en zo vallen we in slaap. Althans, ik dommel af en toe licht weg in een toestand die het midden houdt tussen dagdromen en een remslaap. Ik droom van een hoge toren waar ik met Pim op de bovenste verdieping zit te eten als ik door de ramen opeens een tsunami op ons af zie komen vanuit de verte. Wanneer de immense golf uiteindelijk tegen de ramen smakt, klinkt er een oorverdovend geluid van brekend glas dat enkele seconde later het schel rinkelende geluid van mijn wekker blijkt te zijn. Onmiddellijk ben ik klaarwakker. Pim ligt nog steeds roerloos naast me. Zachtjes kruip ik onder zijn arm vandaan en doe vervolgens in de spiegel op de gang een verwoede poging het volgelnest op mijn hoofd te modelleren als ook de vegen onder mijn ogen weg te poetsen. Dan vis ik een oude mascararoller uit de pennenbak op mijn bureau en doe een heel klein beetje nieuwe mascara op. Zo nonchalant mogelijk loop ik daarna mijn slaapkamer weer binnen met twee glazen water. Pim zit op zijn telefoon en merkt niet dat ik binnenkom. Met een grijns op zijn gezicht staart hij naar zijn scherm. ‘Goeiemorgen,’ stamel ik een beetje verlegen, terwijl ik ongemakkelijk aan de rand van mijn bed blijf staan. ‘Goeiemorgen,’ hij kijkt op van zijn telefoon. ‘Goed geslapen?’ en terwijl hij het vraagt verschijnt er een nieuwe rits berichtjes op zijn beeldscherm. Bij het openen grinnikt hij weer.

‘Grappig filmpje?’ doe ik een poging.

‘Nee foto,’ antwoord hij en hij houdt zijn beeldscherm omhoog om het me te laten zien. En daar is ze weer. De blonde schone van zijn muur. Net zo’n plaatje als op het vorige plaatje en dit keer terwijl ze doet alsof ze een oud omaatje is op snapchat. Maar dan een Robin Wright Penn oma. Waarom appt ze dit hem om 7 uur ’s ochtends. Wie is ze? Een collega? Een vriendin? Of date hij stiekem ook met haar? Zoveel vragen! Eén voor eén slik ik ze in als ik een grote slok van mijn water neem.    

‘Haha grappig,’ zeg ik dan zogenaamd lachend. ‘Wie is dat?’

‘Judith,’ antwoord hij. ‘Een vriendin van me en een van de grappigste mensen die ik ken. Haha kijk…’ En weer laat hij me een foto van haar zien. Dit keer met een vervormd gezicht, waarbij haar ogen, voorhoofd en tanden zijn uitvergroot en ze op een karikatuur van zichzelf lijkt. Een knappe karikatuur, dat wel en ik voel het bloed naar mijn hoofd stijgen. ‘Een van de grappigste mensen die ik ken,’ galmt het nog na, terwijl de moed me in de schoenen zakt. Ik had nog even moeten wachten gisteravond piept er dan een stemmetje in mijn hoofd en de knoop in mijn buik wordt wat strakker aangedraaid.